Een balletpas: de flic-flac

0
De flic-flac is een balletpas die je leert als je al een tijdje klassieke balletlessen volgt. ‘Flic-flac‘ betekent letterlijk ‘klets-klats’. Die naam heeft betrekking tot de beweging die je met je voet maakt. Die zou je kunnen vergelijken met een soort zachte slag of pats tegen het andere been. De flic-flac kun je zowel aan de barre als au milieu uitvoeren. Een variatie op de flic-flac is de flic-flac en tournant, waarbij je draait tijdens het uitvoeren van de flic-flac. Hier ga ik verder niet op in in dit artikel. Hieronder vind je alvast enkele foto’s waarop ik die flic-flac uitbeeld.
 
De flic-flac wordt uitgevoerd vanuit een positie waarbij je werkbeen opzij is gestrekt tot op een hoogte van 45 graden. Hierna volgen er 4 bewegingsfasen: het vegen van de bal van de voet over de grond naar sur le cou-de-pied devant, het openen van het werkbeen, het opnieuw maken van de veegbeweging naar sur le cou-de-pied derrière, en het teruggaan naar een strekking van 45 graden. Dit klinkt misschien wat ingewikkeld, maar de foto’s wijzen vanzelf hoe het in elkaar steekt!

 De flic-flac is een beweging die je moet herhalen voordat je hem goed uit kunt voeren, je moet de beweging door hebben. Oefening baart kunst! Goede oefeningen kun je vinden op YouTube.

Succes en veel dansplezier!
 
Groetjes, Heleen